Sprekers

TRAUMA

Trauma, resorptie en digitale planning autotransplantatie

Dentale trauma’s komen veel voor in en rond de leeftijd waarin ook beugelbehandeling plaatsvindt. De gevolgen van dergelijke trauma’s openbaren zich vaak direct, maar soms pas jaren later. Resorptie kan één van de trauma-gerelateerde complicaties zijn waarbij sommige resorpties goed en voorspelbaar behandelbaar zijn terwijl andere alleen maar vervolgd kunnen worden omdat behandeling niet mogelijk is. In deze presentatie wordt ingegaan op de gevolgen van trauma en op de verschillende soorten resorpties die zich kunnen aandienen. Wat is behandelbaar en wat niet en wanneer/hoe geschiedt een dergelijke behandeling?

In sommige gevallen zijn elementen na een trauma niet meer te behouden en dan kan gekozen worden om het elementen te vervangen door één of meer autotransplantaten. Een dergelijke behandeling is teamwork van verschillende specialisten, waarbij de orthodontie een zeer belangrijke rol speelt. Niet alleen voor het sluiten van diastemen en het goed positioneren van de autotransplantaten, maar ook voor andere essentiële onderdelen van de totale behandeling. Door de nieuwe digitale technieken is het tegenwoordig mogelijk om grote delen van het traject digitaal te plannen. Daardoor is de behandeling meer voorspelbaar en voor alle behandelaren meer inzichtelijk geworden. In deze presentatie wordt de huidige digitale workflow getoond zoals deze nu wordt gebruikt. Aan de hand van casuïstiek wordt getoond wat de mogelijkheden van autotransplantaten zijn.

Joerd van der Meer

Joerd van der Meer deed in 1989 tandartsexamen aan de Rijksuniversiteit Groningen (RuG). Na de militaire dienst als tandarts bij de Koninklijke Marine, werkte hij enkele jaren in een groepspraktijk in Drenthe. In 1996 begon hij als docent voor de disciplinegroep Tandheelkunde/Mondhygiëne van de RuG. Vanaf 1998 tot januari 2002 was hij werkzaam als docent en onderzoeker bij de afdeling “Endodontologie” van de KUN onder leiding van dr. Werner Willemsen. Sinds 1998 heeft hij een verwijspraktijk voor endodontologie gedurende 2 dagen in de week. Sinds januari 2002 parttime werkzaam bij het Universitair Medisch Centrum Groningen, waar hij in 2016 is gepromoveerd op 3D technologie en digitale workflows. Tevens is hij sinds 2009 “Honorary Research Associate” bij het “University College of London Eastman Dental Institute”.







Klasse III correctie bij het jonge kind: “to anchor or not to anchor?”

Class III malocclusions are considered to be among the most challenging orthodontic problems. it can be caused by either the upper jaw being too small, the lower jaw being too large, or a combination of both. Untreated class III patients show more growth potential in the mandible, which generally results in a worsening of the class III malocclusion.

The patient’s age and growth stage are decisive factors in treating this craniofacial disharmony. At younger age orthopedic treatments are advocated to reduce the need of treatment in the permanent dentition. A series of treatment approaches can be found in the literature regarding orthopedic treatment in class III malocclusion

In recent years a number of techniques for orthopedic treatment with skeletal anchorage were popularized. The use of miniplates and miniscrews would produce more skeletal effect and less (unwanted) dentoalveolar changes. It could also have less unwanted counterclockwise rotation of the maxilla and clockwise rotation of the mandible, which is not desired in a high angle vertical growth pattern.

Although recent research has provided sufficient evidence for the successful use of interceptive treatment for class III malocclusion, there is still no consensus about the beneficial effect of the use of skeletal anchorage. The aim of this presentation is give a short overview of the scientific literature regarding the clinical value of skeletal anchorage in interceptive treatment of class III malocclusions. We will also present the results we’ve obtained with different techniques and compare these to the potential effect found in scientific articles.

Dr. Joeri Meyns

Dr. Joeri Meyns (1979) studeerde geneeskunde en tandheelkunde aan de KULeuven en werd erkend in 2010 als stomatoloog en in 2011 als Mond-Kaak- en Aangezichtschirurg. Naast zijn opleiding aan het UZ Leuven vervolledigde hij ook een stagejaar in het ZOL in Genk en in het Sint Elisabeth-ziekenhuis te Tilburg. Dr Meyns was ook 3 jaar staflid in het academisch ziekenhuis te Maastricht, waar hij zich voornamelijk toelegde op de orthognatische heelkunde en zich verder bekwaamde in de oncologische chirurgie en complexe reconstructieve heelkunde van het gelaat. Sinds 2016 is hij aangesteld als onderzoeker aan de KULeuven binnen de OMFS-IMPATH research group en sinds midden 2017 is hij als stagemeester verantwoordelijk voor de opleiding van de jonge artsen binnen de dienst. Sinds 2019 is Dr. Meyns diensthoofd van de dienst Mond-, Kaak-en Aangezichtsheelkunde. Naast de algemene kaakchirurgie is zijn belangrijkste interessegebied de oncologisch heelkunde, orthognatische chirurgie (kaakoperaties) en chirurgie van de speekselklieren.







Wilckodontics, locale corticotomie

De chirurgie geassiteerde orthodontie heeft de afgelopen decennia enkele nieuwe behandelmodaliteiten gekregen. Vooral Temporary Anchor Devices (miniscrews, bollardankers), enossale implantaten en Periodontally Accelerated Osteogenic Orthodontics (PAOO) hebben in de wetenschappelijke literatuur veel aandacht gekregen. De PAOO-techniek heeft vooral naam gekregen via de gebroeders Wilco onder het patent Wilcodontics. Tijdens komende presentatie zal dieper in worden gegaan op verschillende aspecten van de PAOO behandeling. Namelijk de historie, ontwikkeling van de PAOO-techniek, de theoretische achtergrond, chirurgische techniek en indicaties/contra-indicaties zullen besproken worden. Ten slotte zullen een aantal casussen worden doorgenomen ter illustratie en wordt er ingegaan op de potentie van deze behandelmethode.

Fred Hinderks
MKA-Chirurg

Studie:

  • Tandheelkunde 1978-1984 RUG
  • MKA specialist 1986-1990 AZG Groningen -hoofd prof dr G Boering
  • Chef de clinique 1990-1992 Rijnstate Arnhem -hoofd prof dr P Stoelinga
  • Geneeskunde 1989-1993 RUG
  • MKA chirurg 1993-heden ZGT Almelo-MST Enschede - Kaakchirurgie Oost -Nederland
www.Kaakchirurgieoostnederland.nl
Aandachtsgebieden : Orthognatische chirurgie- Implantologie- Schisis chirurgie

Fred Hinderks is naast zijn werk als MKA chirurg al jaren referent bij Docendo Orbis, opleidingsinstituut voor Huisartsen en Tandartsen. Geïnteresseerd in trauma, botgenezing en tissue-engineering. In 2013 samen met collega Olaf Tan -orthodontist te Enschede- naar cursus Wilcodontics in Erie Michigan. Sindsdien extra aandacht mogelijkheden/onmogelijkheden voor alles wat kan met RAP fenomeen. In samenwerking met UMCN Radboud -collega Tong Xi - opzoek naar objectivering gebruik van PAOO.







Aangezichtstraumatologie in overview

Traumatologie van het aangezicht kent verschillende aandachtspunten die van belang zijn voor een goede behandeling en outcome voor de patient. Er zal een overzicht worden gegeven van de biologische prinicipes, behandelconcepten en de plaats van de aangezichtstraumatologie binnen de primaire principes van ATLS (Advanced Traumatic Life Support). Primaire aandachtspunten in relatie tot kwaliteit van leven als outcome parameter zullen worden belicht.

Roy Horsthuis

Roy Horsthuis (1975) heeft Tandheelkunde gestudeerd op het ACTA van 1994-2000. Tijdens de studie ontwikkelde hij een specifieke belangstelling voor de kaakchirurgie. In 2000 besloot hij daarom geneeskunde te gaan studeren aan het AMC van de UvA. Bovendien ging hij aan de slag als assistent niet in opleiding bij de afdeling Mondziekten en Kaakchirurgie van prof. dr H.P van den Akker. Medio 2003 kwam hij bij dezelfde afdeling in opleiding tot MKA-chirurg. In 2007 werd de opleiding afgesloten waarna in 2009 de co-assistentschappen van de opleiding geneeskunde werden afgerond. Sindsdien is hij werkzaam bij de maatschap MKA-chirurgie Twente in het MST (Enschede) en ZGT (Almelo) in het samenwerkingsverband Kaakchirurgie Oost Nederland (KON). Als specifieke aandachtsgebieden gelden de aangezichtstraumatologie, de orthognatische chirurgie, het obstructief slaapapneu syndroom en de tandheelkundige implantologie.







Hoe (her)traumatiserend kan een bezoek aan de tandarts zijn?

Vroegkinderlijk seksueel trauma in de tandartspraktijk (h)erkennen.

Nederland is een van de meest vooraanstaande landen binnen het vakgebied van de diagnostiek en behandeling van de psychische gevolgen van Vroegkinderlijke Chronische Traumatisering [VCT]. De toegenomen kennis over neurofysiologische, psychologische en sociale processen die optreden bij chronische traumatisering in de kinderjaren biedt de mogelijkheid om de relatie tussen traumatische ervaringen in de kindertijd en psychische stoornissen in de volwassenheid steeds beter te begrijpen en valide diagnostische instrumenten en kwalitatief hoogwaardige behandelmethoden te ontwikkelen.

De kennis van VCT – in de meeste gevallen in een context van geweld en seksueel misbruik – is echter nog onbekend in vele medische behandeldisciplines waaronder zeker de tandartsenpraktijk.

Tijdens zijn plenaire lezing zal Erik de Soir dieper ingaan op de theorie van (trauma-gerelateerde) structurele dissociatie en de principes schetsen van het werken met (dissociatieve delen van) een door trauma gedissocieerde persoonlijkheid. De toehoorder krijgt een aantal raadgevingen in de integratieve aanpak van patiënten met trauma-gerelateerde dissociatieve klachten. Hij zal tevens enkele raadgevingen formuleren voor onmiddellijk stabilisatie en symptoomreductie voor gevallen waar dissociatieve symptomen en/of hevige trauma-gebonden intrusies plots de kop opsteken. Uit zijn betoog zal blijken dat een bijkomende opleiding in het gebruik van hypnose geen luxe is voor tandartsen en orthodontisten en kaakchirurgen teneinde hertraumatisering bij traumapatiënten te vermijden.

Erik de Soir

Erik de Soir is Doctor in de Psychologie (Universiteit Utrecht) en Doctor in de Sociale en Militaire Wetenschappen (Koninklijke Militaire School). Hij specialiseerde zich in de crisispsychologie en in de psychotraumatologie en verricht onderzoekswerk naar de effecten van acute en chronische traumatisering.
Hij is als operationeel brandweerpsycholoog verbonden aan de Brandweer- en Dringende Geneeskundige Hulpverleningszone Noord-Limburg en verleent al vele jaren psychologische crisisopvang en begeleiding aan getroffenen van verkeersongevallen, branden, collectieve noodsituaties en oorlogssituaties. Tevens doceert hij crisispsychologie, crisiscommunicatie en crisisbeheer aan universiteiten in binnen- en buitenland.
Erik de Soir is de oprichter (in 1993) en supervisor van het Fire Stress Team en stichtte in 2003 de Association Européenne des Psychologues Sapeurs-Pompiers/European Association of Fire and Rescue Psychologists waarvan hij sedert enkele jaren erevoorzitter is.
Hij is ook meditatieleraar en treedt vaak op als expert in de media, geeft vaak publieke lezingen in culturele centra of voor socioculturele verenigingen en publiceerde reeds een vijftiental boeken waarvan ‘Leven aan de zijlijn. Meditaties voor trauma en verlies’ (Lannoo) het laatste is (in de de boekhandel sedert april 2016).


Bekijk short CV






De plastische kijk op aangezichtstrauma – reconstructie van de weke delen

Tegenwoordig associëren veel mensen plastische chirurgie met cosmetische operaties zonder duidelijke medische noodzaak. Plastische chirurgie is echter veel meer dan dat. De oorsprong van de plastische chirurgie ligt in het functioneel reconstrueren van verminkingen van het aangezicht, meer dan 2500 jaar geleden. U wordt meegenomen door de geschiedenis en ontwikkeling van de plastische chirurgie. Met dat beeld op het netvlies zijn de huidige principes van de reconstructieve plastische chirurgie beter te begrijpen.

Bij trauma van het aangezicht zijn vrijwel altijd de weke delen betrokken – dit kan uiteenlopen van kleine snijverwondingen tot uitgebreid weke delen letsel waarbij weefsel ontbreekt. Afhankelijk van het defect en rekening houdend met de eerdergenoemde principes wordt een reconstructieplan gemaakt. Bij uitgebreid ossaal en weke delen letsel is dit uiteraard teamwork. U krijgt voorbeelden te zien van verschillende (combinaties van) technieken voor reconstructies van het aangezicht.

Johan Wijbenga

Na het gymnasium in Leeuwarden heeft Johan Wijbenga (1981) in 2005 de studie Tandheelkunde afgerond aan de Rijksuniversiteit Groningen. Tijdens de opleiding kreeg hij – onder andere door de commandoresecties – een grote belangstelling voor de kaakchirurgie. Om zich hierin te kunnen specialiseren heeft hij, eveneens aan Rijksuniversiteit Groningen, aansluitend Geneeskunde gestudeerd en in 2009 afgerond. Gedurende die periode heeft hij naast de studie in deeltijd gewerkt als tandarts met als aandachtsgebieden esthetische tandheelkunde en 3D-technieken. Tijdens de co-schappen Geneeskunde kwam hij terecht bij de plastische chirurgie en werd toen gegrepen door de reconstructieve en esthetische chirurgie van het hoofd-/halsgebied en aangezicht. Hij specialiseerde zich vervolgens tot plastisch chirurg in het Universitair Medisch Centrum Groningen en de Isala Klinieken Zwolle. Sinds 2018 is hij als plastisch chirurg lid van de maatschap Plastische Chirurgie Oost Nederland (PC Oost) en werkzaam in het ZGT te Almelo/Hengelo, Medisch Spectrum Twente en de Velthuis Kliniek Enschede.








Restauratieve tandheelkunde en autotransplantatie bij trauma

Bij dentaal trauma waarbij tandmateriaal verloren is gegaan kunnen restauratieve oplossingen uitkomst bieden. Hierbij spelen adhesieve oplossingen een grote rol. Wat zijn de mogelijkheden en de beperkingen hiervan? Wanneer kan het dynamische behandelconcept handig zijn en op welke momenten zullen indirecte technieken een duurzaam alternatief bieden? Autotransplantatie is een biologische en duurzame behandeloplossing met hoge succes- en overlevingspercentages. Deze optie wordt het meest toegepast bij patiënten met agenetische premolaren in de onderkaak. Daarnaast is er toename van toepassingen in het bovenfront. Wat zijn de voordelen van deze techniek boven implantaten? Wat zijn de randvoorwaarden en hoe ziet het traject eruit?

John Zaia

Mijn specifieke interesses in de tandheelkunde bestrijken een breed scala aan onderwerpen. Ze richten zich met name op reconstructieve en restauratieve tandheelkunde alsook implantologie en autotransplantaties.

Werkervaring

  • 2017 – heden Oprichter van Tandartspraktijk In Extenso Enschede
Verwijspraktijken:
  • 2015 – heden Centrum Bijzondere Tandheelkunde Medisch Spectrum Twente (MST), Tandarts
  • 2011-2018 Centrum Bijzondere Tandheelkunde Martini Ziekenhuis, tandarts
  • 2007-2010 Afdeling Bijzondere & Restauratieve Tandheelkunde Martini Ziekenhuis Verwijspraktijk, Dr. AWJ van Pelt, tandarts
Daarnaast als tandarts algemeen practicus gewerkt bij:
  • 2015-2017 Tandartspraktijk Hobbelink, tandarts algemeen practicus
  • 2009-2015 Tandartspraktijk Mondzorg Midden Drenthe, tandarts algemeen practicus
  • 2006-2010 Tandartspraktijk Hans Scholtanus, tandarts algemeen practicus
Opleiding
  • 2007-2010 Interne opleiding Bijzondere en Restauratieve Tandheelkunde, Martini ziekenhuis Opleider: dr. A.J.W. van Pelt
  • 2006-heden Verschillende cursussen, congressen en nascholingsactiviteiten gevolgd over verschillende tandheelkundige onderwerpen.
  • 2006 Afronding studie Tandheelkunde (cum laude) aan de Rijksuniversiteit Groningen







Trauma opvang op de SHE, the bigger picture

Voordat er specifieke zorg gegeven kan worden voor tanden of aangezicht gaat er vaak het een en ander vooraf. In deze lezing wil ik jullie wegwijs maken in de ABCDE methode van een opvang en de zaken die we hierin tegen komen.

Sanneke van den Brink

  • 2004-2010 Geneeskunde, Radboud Universiteit Nijmegen
  • 2011-2012 ANIOS chiurgie en SEH, Gelderse Vallei te Ede
  • 2012-2013 ANIOS SEH, Rijnstate te Arnhem
  • 2013-2016 AIOS Spoedeisende Geneeskunde, Rijnstate te Arnhem
  • 2016 tot heden SEH-arts KNMG, Medisch Spectrum Twente te Enschede